Lars, Author at Haldu Groep

Long read: interview met Gerard Schenkelaars

Leestijd: 7 minuten

Gerard Schenkelaars: “Ook bij inlenen geldt: recht is recht en krom is krom”

Senior projectleider Gerard Schenkelaars is specialist in afbouw en werkt al bijna 20 jaar intensief samen met Haldu Groep. Eerst rechtstreeks met Hans van Hal en nu met een directe hotline naar zijn opvolger Danny van Hal. “Wat ik heel sterk vind, is dat Haldu Groep na de overname haar eigen manier van werken heeft behouden. Want die manier van werken is toch de reden waarom ik al zolang met hen samenwerk.”

Momenteel werkt Gerard door heel Nederland als zelfstandig senior projectleider voor twee opdrachtgevers: Van Vonderen Interior Contractors en Schuurmans Afbouw. “Afbouw is mijn specialisme. Beide bedrijven voeren exact hetzelfde werk uit en ook doe ik voor beide bedrijven zaken met Haldu Groep.”

Afbouw, legt Gerard uit, is cruciaal voor de fase van de binnenbouw. “Zowel Van Vonderen als Schuurmans is toonaangevend als het erop aankomt om samen met de aannemer de afgesproken planning te realiseren. De tijd dat je meer ruimte in je planning had, is echt voorbij. We werken nu toch wel standaard met gespannen termijnen.”

Voortdurend doorgegroeid

Gerard wordt dit jaar 60 jaar en begon op zijn 17e in de bouw. “Ik ben voortdurend doorgegroeid en nu dus senior projectleider in de afbouw.” Gerard werkte altijd in Nederland, maar maakte ook een uitstapje van vier jaar naar de afbouw in Indonesië, tussen 1997 en 2001. “Daardoor spreek ik vloeiend Maleis.” Indonesië was een leerzame ervaring, geeft Gerard aan. “Ik heb veel gezien en opgestoken. Je leert al je aannames te laten vallen en je over te geven aan een compleet andere cultuur.”

gerard schenkelaars
“Afbouw is toch écht een vak apart.”

Uiteraard doet Gerard als senior projectleider het afbouwwerk niet meer zelf. “Maar niemand hoeft mij nog te vertellen hoe je dit werk moet doen. Ook ben ik niet te beroerd om de collega’s het werk voor te doen, als het moet. Ik heb dan wel drie weken spierpijn, maar dat vertel ik niemand, hahaha!”

Balans tussen kwaliteit en kwantiteit

Als senior projectleider in de afbouw ligt het accent van het werk van Gerard op zaken als de juiste personeelsinzet en budgettering. “Inzettechnisch heb ik een behoorlijke vinger aan de pols. De aanvoer van materialen is de verantwoording van de werkvoorbereider. Niet voor niets zei mijn moeder altijd: ‘je moet de problemen daar laten waar ze thuishoren.’”

Voor zijn afbouwteams selecteert Gerard zijn mensen streng. “Het is toch echt een vak apart. Kijk, van de buitenkant lijkt het misschien simpel om in de afbouw te werken. Maar de kneepjes, technieken en know how zijn cruciaal voor een goed product. Het gaat in deze discipline vooral om timmerlieden die zowel kwaliteit als kwantiteit leveren. Je moet meters kunnen maken en dat ook nog eens netjes en hoogstaand doen. Dat kan niet iedereen, je moet het in de vingers hebben.”

Trots op projecten

Gerard begeleidde inmiddels onnoemelijk veel projecten. Waar is hij voorbeeld bijzonder trots op? “Het Pontsteigergebouw in Amsterdam. Een groot werk van Schuurmans Afbouw qua omvang en ook nog eens met een gigantische hoge kwaliteit in de uitvoering van de afbouw. Hierin kwam samen wat ik zojuist noemde als onderscheidend element in de afbouw: meters kunnen maken met de hoogst haalbare kwaliteit.”

schenkelaars

Ook is Gerard trots op een project dat hij uitvoerde voor Van Vonderen Interior Contractors. “De Tapijnkazerne in Maastricht, een oude kazerne die is omgebouwd tot school. Evenals het Pontsteigergebouw een complex werk. Ik ben graag van de moeilijke en grote werken en daar weten de opdrachtgevers mij voor te vinden.” Op beide voorbeeldprojecten waren medewerkers van Haldu Groep aan het werk.

Stagnatie door corona

De afbouwprojecten die Gerard doet liggen boven de miljoen euro en steevast werkt hij met teams van 10 tot 30 vaklieden. “Beide bedrijven waar ik voor werk, hebben een vaste kern van eigen mensen, een vaste kern van Nederlandse ZZP’ers en tot slot de aanvulling daarop vanuit onder andere Haldu Groep met veelal buitenlandse vakkrachten. Vroeger waren dat vooral Duitsers, nu komen ze veelal uit Oost-Europa. Momenteel, door corona, zijn we veel van deze buitenlandse vakkrachten voor langere tijd kwijt, omdat zij naar huis zijn teruggekeerd. Door de momenteel gesloten grenzen kunnen ze niet terug naar ons en dus niet aan het werk. In die zin is corona wel een probleem.”

Aandacht voor opleiding en communicatie

Of de buitenlandse vakkrachten hun werk net zo goed doen als Nederlandse collega’s is puur een kwestie van opleiden, vindt Gerard. “Haldu Groep kan hier een rol in spelen, maar in mijn specifieke geval lag en ligt dat opleidingsinitiatief ook heel sterk bij mij. Mensen uit een andere cultuur en achtergrond moet je toch heel gericht sturen naar de Nederlandse markt en daarvoor opleiden. Daar steek ik zelf nog steeds veel energie in.”

Los van het vakmanschap kan natuurlijk ook de taalbarrière een rol spelen op de bouw, vooral een issue als het gaat om veiligheid. Hoe kijkt Gerard daar tegenaan? “Alle richtlijnen die ook gelden voor de buitenlandse vaklieden, zoals het arbo convenant, zijn door Haldu Groep in praktisch alle talen vertaald en beschikbaar gesteld op de bouwplaats. Die informatie is goed verzorgd en toegankelijk. Daar schort het niet aan. Hebben wij als opdrachtgever zelf aanpassingen in richtlijnen? Dan pakt Haldu Groep dat direct op en worden die ook in hun eigen taal met de werknemers gecommuniceerd. Wij zijn als Nederlanders gemiddeld behoorlijk wat talen machtig, ikzelf meerdere. Maar dat geldt beslist niet voor Roemenen, Hongaren, noem maar op. Dus ons eigen Engels en Duits moet goed zijn, wil je een professionele sturing aan deze jongens kunnen geven. De communicatie met je buitenlandse vakkrachten is essentieel, maar dat geldt uiteraard ook voor je Nederlandse vakkrachten.”

Haldu Groep: een gedegen onderneming

Gerard werkt al bijna 20 jaar met Haldu Groep. “Het is een uitzendorganisatie die alles op orde heeft. Denk aan de rechten en plichten voor de werknemers en bijvoorbeeld ook een deugdelijke huisvesting. Van groot belang, want de markt telt ook veel, zeg maar, ‘creatieve’ uitzendbureaus. Maar dat is Haldu Groep absoluut niet. Ik waardeer hen als een gedegen onderneming.” Gerard is van de korte lijnen. “Voorheen deed ik altijd rechtstreeks zaken met Hans van Hal en nu met Danny van Hal, zijn opvolger. Ik ben, denk ik, nog één van de weinige klanten die rechtstreeks met de directie overlegt over de inzet van vaklieden. Dat geeft aan hoe de sfeer en werkwijze zijn.”

Gerard merkt dat, ook na de overname, Haldu Groep gestaag voortbouwt op haar bestaande strategie. “Dat waardeer ik, die continuïteit.” Wel beschouwt Gerard zich als één van de meest kritische klanten. “Daar ben ik ook heel resoluut in. Binnen een halve dag zie ik of een nieuwe vakkracht voldoet. Hoe ik dat kan zien? Houding, gedrag en de manier van werken en communiceren. Recht is recht en krom is krom.”

schenkelaars
De Tapijnkazerne in Maastricht

Veel veranderingen

Gerard ziet veel personele veranderingen in de bouw. “Neem mijn werk als projectleider. Dat is een uitstervend ras, daar lopen er nog maar heel weinig van rond. Maar ook de vaklieden zelf staan onder druk. De aanwas van jongeren is er niet tot nauwelijks. Zij zijn niet te motiveren om voor de bouw te kiezen, een groot probleem. Ik begrijp daarom goed dat we moeten inzetten op buitenlandse vaklieden. Zij komen hier om voor hun centen te werken en je moet ze een kans geven. Ze verdienen ons respect, want dat is voor hen ook een vorm van beloning.”

Gerard schakelt via Haldu Groep inmiddels structureel buitenlandse werknemers in. We moeten wel, want Nederlandse vakmensen vergrijzen in hoog tempo en de instroom is te gering. Ik werk al lang samen met Haldu Groep, ben tevreden, maar ben tegelijkertijd ook kritisch over wie ik selecteer en inhuur. Je mag selectief zijn. Haldu Groep filtert, maar vervolgens mag je dat uiteraard ook zelf doen.”

Visie op toekomst

Uiteraard kijkt ook Gerard naar de ontwikkelingen op de Nederlandse bouwmarkt. Neem het tekort aan woonhuizen. Dat is gigantisch en loopt door de verlammende werking van corona alleen maar verder op. Hoe ziet hij de naaste toekomst? “Ik voorzie helaas geen snelle opleving. We zullen nog lang blijven kwakkelen, vrees ik. We zijn afhankelijk van banken en investeringsmaatschappijen en dus geld. Laat ik het maar zeggen zoals het is. Ik vermoed dat investeerders naar aanleiding van corona de komende tijd afwachtend zullen zijn. Dan praat ik niet over een jaar, maar langer. Het wordt vissen in dezelfde vijver, goed op je tellen passen en alert zijn om in deze situatie een graantje mee te kunnen meepikken.”

Goed voornemen

Gerard wordt dit jaar zestig en is voornemens iets minder te gaan werken. “Ik maak nog steeds 70 tot 80 uur in de week. Eigenlijk wil ik naar 50, 60 uur in de week. Eerlijk gezegd wordt het ook tijd dat ik eens een hobby ga zoeken, die heb ik te weinig!”

Niet de vacature gevonden die je zocht?

Meld je aan voor een JobAlert en krijg per e-mail bericht zodra de vacature beschikbaar komt!

Direct inschrijven

Long read: interview met Angelo Langens van BetoLinQ

Leestijd: 6 minuten

Angelo Langens: “Eén belletje en Haldu heeft voor mij de juiste betonspecialisten”

Angelo Langens is sinds 2013 mede-eigenaar van BetoLinQ aannemers, specialisten in voornamelijk nat beton. Ondanks de Coronacrisis zitten ze volop in het werk. Wel voorziet Angelo een afname van werk voor de langere termijn. “De bouw ijlt in een crisis altijd na, vooral bij onderaannemers zoals wij. Dat was in de vorige crisis zo en dat zal nu niet anders zijn.”

Sinds 1992 doorliep Angelo Langens een gevarieerde loopbaan in de bouw: van werkvoorbereider tot hoofduitvoerder en uiteindelijk projectleider. In 2013 kwam de kans op zijn pad om het werknemerschap in te wisselen voor het ondernemerschap. “Een grote stap en na behoorlijk wikken en wegen, hakte ik de knoop door. Ik nam een derde aandeel Van de Camp-Verstegen over. Jos van de Camp en Ruud van de Braak bleven als andere aandeelhouders aan. In 2018 zijn we omgedoopt tot BetoLinQ aannemers en verhuisd naar de Bosschebaan 37 in Heesch. Sinds dit jaar heeft Jos het stokje overgedragen aan zijn zoon Bart.”

Actief met uitvoering

Angelo is binnen BetoLinQ aannemers vooral verantwoordelijk voor alle uitvoeringszaken. “Mijn compagnon haalt het werk binnen. Vervolgens organiseer ik alle praktische zaken, van personeel, werkvoorbereiding en werkuitvoering tot en met bouwvergaderingen. Onze specialiteit is nat betonwerk dat óp de bouw in een wandbekisting wordt gestort, in de meest specialistisch vormen.”

Dit varieert van relatief eenvoudige funderingen tot en met extreem hoge wanden, ronde wanden, afzinkkelders, colorcrete (gekleurd beton), zelfverdichtend beton, schoonwerkbeton, brugdekken, viaducten, bedrijfsvloeren en zelfs 3D-gemodelleerde vormen. Angelo: “Wij maken hierbij onderscheid in Utiliteitsbouw, Woningbouw, Agrarische bouw, Industriële bouw, Civiele Bouw en Afzinkkelders.”

angelo betolinq

Focus op flexibiliteit

Dé kracht en het onderscheid van BetoLinQ aannemers is flexibiliteit, legt Angelo uit. “Qua planning en complexiteit zeggen we nooit nee. We kunnen elke klus aan, van klein tot groot. Wat de klant ook verwacht, wij maken het.”

Eigenlijk is Angelo trots op álle projecten waar de ‘betonhandtekening’ van BetoLinQ onder staat. “Op dit moment hebben we allerlei mooie en veeleisende projecten onderhanden. Neem de grote nieuwbouw voor het RIVM op het Utrecht Science Park, daar zijn we nu volop actief met het maken van schoonwerk betonwanden. Eerder kende zowat niemand het RIVM, maar nu uiteraard wel! Ook maken we momenteel een nieuw, hoogwaardig innamepompstation aan de Bergsche Maas voor Van der Ven in opdracht van Evides Waterbedrijf. En bijvoorbeeld voor Pannekoek GWW zijn we nu bezig voor een waterzuiveringsinstallatie in Sleeuwijk.”

Leren van ondernemerschap

Het ondernemerschap heeft Angelo veel geleerd. “Vooral dat je je persoonlijke belangen van je af moet schuiven. Kijk, als mede-eigenaar werk ik niet bij BetoLinQ, maar sta ik voor het bedrijf, dat is een verschil. Wat voorheen voor mijzelf van belang was, zoals een vrije dag, daar moet je als ondernemer niet als eerste je aandacht aan besteden. De onderneming, de medewerkers en de klanten gaan boven je eigen belang. Is daar iets mee? Dan gaat dat per definitie voor. Als je ervoor zorgt dat het bedrijf goed loopt, krijg je vanzelf tijd en mogelijkheden om aan jezelf te denken.”

Vast en flexibel

BetoLinQ aannemers werkt met een kernteam van zo’n 20 eigen vakmensen. “Dit vullen we aan met flexibele vakkrachten via Haldu Groep. Daar werken we al heel lang mee. Binnen Haldu Groep heb ik een goeie, alerte contactpersoon: Konrad Maciorowski. Eén belletje en het wordt geregeld dat ik uit hun bestand de juiste betonspecialisten krijg. Soms heb ik mensen direct nodig, zowel op de korte termijn als voor een langere periode. Maar tegelijkertijd hebben we ook vakkrachten van Haldu Groep die al meerdere jaren bij ons werken. Dat is het fijne aan Haldu Groep; ze zijn op dat vlak net zo flexibel als onze organisatie. Want als je zelf zegt dat je flexibel bent, verwacht je dat ook van je partners. Haldu Groep ís zo’n partner.” Wel is Angelo opzoek naar een voorman: “Een lastige functie om te vervullen. Wel weet ik dat Konrad van Haldu Groep voortdurend voor mij op de uitkijk staat.”

Buitenlandse vakkrachten? Extra accent op taal en veiligheid

Ook Angelo merkt dat de instroom van jong talent opdroogt, terwijl de uitstroom door de vergrijzing gestaag doorzet. “Ook in het natte beton kom je moeilijk aan mensen. Daar zijn we constant we mee bezig. Veel Nederlandse betoncollega’s hebben werk, dus kom je automatisch uit bij de buitenlandse vakkrachten. Die beweging snap ik wel. Van Haldu Groep hebben we bijvoorbeeld veel Poolse vaklieden aan de slag. De huisvesting van deze collega’s wordt goed opgepakt door Haldu Groep, daar hebben we geen omkijken naar. En ja, de taalbarrière is er, dat ontken ik niet. Vanuit BetoLinQ zorgen we dat er, tussen de buitenlandse vakkrachten, in een team altijd iemand werkt die de Nederlandse taal machtig is. Ook selecteren we buitenlandse vakkrachten die Engels of Duits kunnen verstaan. Links om of rechtsom: we borgen dat er altijd met onze buitenlandse vakkrachten te communiceren valt, zowel over het werk als de geldende veiligheidsmaatregelen. Als Haldu Groep mij iemand aanbiedt, dan is mijn eerste vraag: welke taal spreekt hij?”

Invloed van corona

Uiteraard ondervinden ook Angelo en zijn team hinder van corona. “We hebben nu volop werk omdat de termijnen bij bouwopdrachten, van plan tot praktijk, nu eenmaal lang lopen. Voordat je als onderaannemer aan de slag bent, ben je jaren verder. Dus de werken die gemaakt gaan worden, die zijn er al. De huidige werken lopen gewoon door. Maar de bouw zit bij een economische crisis altijd met een na-ijleffect. Als onderaannemers merken we de gevolgen per definitie later. Dat was met de crisis in 2008 ook zo, toen begonnen de problemen voor de bouw in de jaren 2010, 2011, dus twee tot drie jaar later. Hoelang de crisis nu gaat duren? Dan zal afhangen, denk ik, van opdrachtgevers en investeerders. De vraag is of zij weer durven te investeren. Als zij nú de hand op de knip houden zullen we de gevolgen daarvan vooral de komende jaren ondervinden. Durven ze nu te investeren? Dan loopt het werk straks door, helemaal als de overheid ook inspringt om de economie, en speciaal de bouw, aan te blijven jagen. We staan op een kruispunt en het kan nog alle kanten op.”

Balans bewaken

Angelo werkt veel en hard. “Geen probleem hoor, maar ik bewaak heel goed de balans tussen werk en privé. Je moet je hoofd leeg kunnen maken, anders gaat het niet goed. Dus maak ik bewust tijd vrij voor sporten zoals wielrennen. Eén keer in de week speel ik een potje tennis. Dat stelt niet zo veel voor, maar is wel goed voor de sociale contacten. Net als met gezin, familie of vrienden ergens naartoe gaan of een hapje eten, leuk om te doen. Want een andere invalshoek in je leven dan alleen de bouw is ook belangrijk. Blijft er dan nog tijd over? Dan vis ik graag of vaar ik met een bootje.”

Heeft u interesse? Kijk op www.betolinq.nl en neem contact op.

Niet de vacature gevonden die je zocht?

Meld je aan voor een JobAlert en krijg per e-mail bericht zodra de vacature beschikbaar komt!

Direct inschrijven

Column: Let op de crisis na de crisis

Leestijd: 3 minuten

Terwijl ik dit schrijf, zitten we in het hart van de Coronacrisis. In plaats van een eenduidige lockdown hebben we nu te maken met een verlichting op basis van een ingewikkeld web van allerlei hele en halve maatregelen. De verwarring is groot en deze nieuwe fase maakt het leven er niet eenvoudiger op. Des te meer respect heb ik voor onze vaklieden die met inachtneming van alle maatregelen van het RIVM door blijven werken; ook nu alles niet meer zo overzichtelijk en ook niet altijd logisch is.

Let op: de materialencrisis komt eraan

De kunst in een crisis is om óver die crisis heen naar de toekomst te kijken. Da’s lastig, want de crisis zelf slokt al je aandacht op. Toch dwing ik mijzelf daartoe, niet alleen in het belang van Haldu Groep, maar van de hele uitzend- en bouwsector. Ik voorspel u dat als de Coronacrisis is geluwd, misschien in het najaar, er zich een materialencrisis kan voordoen. De toeleverende industrie draait nu niet of op halve kracht en de tekorten aan bouwmaterialen openbaren zich in alle hevigheid in het najaar, vrees ik. We hebben dan weer meer werk én de vakmensen, maar wellicht niet de materialen. Ik geef het u maar mee als snel naderend pijnpunt in uw planning. Ik pleit ervoor dat alle betrokken partijen deze bottleneck proberen te voorkomen en elkaar niet als concurrenten zien, maar als collega’s. Alleen ga je misschien sneller, maar samen kom je verder.

Meer regie op naar voren halen van projecten

In de media, en bij aannemers en ook bij de overheid, bespeur ik veel animo om projecten naar voren te halen. Bedoeld om de werkportefeuilles tijdens corona gevuld te houden zoals infrastructurele projecten. Ik vind dat prachtig en juich dat toe. Wel merk ik dat er regelmatig tegenstrijdige berichtgeving is over het naar voren halen van projecten. Daar zou meer eenduidige regie in mogen plaatsvinden zodat wij de capaciteit van onze vakmensen daar precies op kunnen instellen en niet voortdurend in een start-stopsituatie terechtkomen. Overigens, infrastructurele projecten zijn door alle processen en procedures niet zomaar te versnellen. Wel lukt dit veel beter met bijvoorbeeld woningrenovatie en circulaire bouwprojecten. Ik geef het de betrokken beslissers maar mee als gedachte. Werk is werk.

PFAS en stikstof vergeten?

No, no… We weten allemaal dat de overheid een ijzeren geheugen heeft. De PFAS- en stikstofcrisis zijn door Covid-19 razendsnel en ook wel stilletjes van het mediatoneel verdrongen. Maar ik garandeer u dat de overheid ons hiermee opnieuw confronteert als de aandacht voor de Coronacrisis wijkt. Er kan dus snel een nieuwe crisis komen na deze crisis. Als uitzend- en bouwsector moeten we daar een antwoord op hebben.

Het draait om de details

Tot slot: ik laat momenteel mijn huis verbouwen. Als opdrachtgever voor die privéverbouwing bevind ik mijzelf nu min of meer in dezelfde positie als de bouwbedrijven die Haldu Groep werk geven. Elke dag ga ik kijken naar de voortgang en ik merk dat ik daarbij enorm goed op de details let. Logisch, want die verbouwing betaal ik zelf. Voor mij een eyeopener richting onze opdrachtgevers. Ook zij letten op de details in het werk van onze vakmensen. Zoals niet alleen hun werk professioneel doen, maar ook op tijd komen en de bouwplek altijd netjes achterlaten. Ook in een crisis, of juist dan nog veel meer, gaat het uiteindelijk om de details waar je een vakman of uitzendbureau op beoordeelt. Natuurlijk wist ik dat wel, maar ineens trof het mij vanuit mijn positie als opdrachtgever. Een onverwachte boost voor mijn inleving in onze gewaardeerde klanten!

Danny van Hal

column danny van hal

Niet de vacature gevonden die je zocht?

Meld je aan voor een JobAlert en krijg per e-mail bericht zodra de vacature beschikbaar komt!

Direct inschrijven

Long read: interview met Patrick Wissink van BINX Smartility

Leestijd: 9 minuten

Patrick Wissink, teamleider BINX Smartility: “Het stevig gecertificeerde Haldu heeft alles waterdicht geregeld”

Een bijzondere opdrachtgever van Haldu Groep is BINX Smartility uit Groenlo. Zes jaar geleden introduceerden zij een uniek concept: de volledige integratie van bouw en installaties bij één partij, uitgevoerd door een centraal geregisseerd projectteam. Patrick Wissink, teamleider bij BINX Smartility: “We zijn hiermee nog steeds onze tijd vooruit en sluiten met onze aanpak naadloos aan bij wat de utiliteitsmarkt steeds meer vraagt: een integrale bouwer.” Haldu Groep mag vakmensen leveren om deze integraliteit ook in de praktijk waar te maken. “Haldu Groep zit altijd dicht op de bal, zowel bij de opstart van een project, maar ook als we snel moeten bijsturen.”

BINX Smartility stapt voor specifiek de utiliteitsbouw volledig over de traditionele scheiding tussen  W-, R- en B-bestekken heen. Patrick: “BINX Smartility is hiermee hét integrale bouw- en installatiebedrijf voor de U-projecten, zowel nieuwbouw als renovatie. Doorgaans projecten tussen ongeveer 5 en ruim 20 miljoen euro. We kijken bij de beoordeling van projecten nooit naar afstand, maar wel of ons concept voor de opdrachtgever een toegevoegde waarde levert.”

Patrick: “één team, één project, één financiële bewaking”

Patrick legt graag de voordelen uit van dit integrale concept. “Bouw en Installaties hebben ontzettend veel raakvlakken met elkaar. Je werkt met elkaar fysiek áán en ín hetzelfde gebouw. Door ons concept werk je de gemeenschappelijke plannen ook daadwerkelijk samen uit. Ik zit letterlijk naast de projectleider voor de installatie aan tafel. De specialisten van Bouw en Installaties werken vanuit één team met maar één doel: een perfect project realiseren op basis van gezamenlijk overeengekomen bouwkundige en installatietechnische uitgangspunten en natuurlijk de wensen van de opdrachtgever. De opdrachtgever staat centraal. Deze integratie bespaart aantoonbaar op geld, tijd en capaciteit, maar het gaat niet alleen om besparen; deze samenwerking biedt ook allerlei kansen op innovatie.”

Echt samenwerken aan innovatie en kwaliteit

De kernwaarden van BINX Smartility zijn: écht samenwerken, innovatie en kwaliteit. Patrick: “Vanuit één integrale visie samen slimme (technische) oplossingen creëren, is wat ons drijft. Wij realiseren namelijk niet alleen een gebouw, maar leveren tastbare, kwalitatieve prestaties. Zodat onze opdrachtgevers en gebruikers het gebouw naar wens en zónder zorgen gebruiken. Dat doen wij niet op de traditionele manier, maar met slimme technologie, transparante communicatie, proactief onderhoud en bevlogen collega’s. Dát noemen wij de slimste manier van bouwen!”

Mooie voorbeelden van deze aanpak zijn de nieuwbouw voor het Stedelijk College Eindhoven, de verbouw van het Diakonessenhuis Utrecht en de nieuwbouw van een woonzorgcomplex met 72 wooneenheden in Gendringen. Overigens leidt deze integrale manier van werken ook tot een opvallend open, duurzame en inspirerende bedrijfscultuur. Patrick: “In 2019 ontving BINX Smartility de Cobouw Award voor de Beste Werkgever van het Jaar.”

Volledig digitaal

Uiteraard werken Patrick en zijn team volledig digitaal. “Alle informatie én communicatie tussen de deelnemende partijen werken we hier integraal mee uit. Digitaal bouwen, informatie-uitwisseling en samenwerking met de hele bouwketen en dus onze BINX Smartility makers zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden vanuit onze visie op integraliteit. Ook bereiden we het model voor een project direct voor op het mogelijke onderhoud dat we voor een klant op een opgeleverd project kunnen uitvoeren. Want het model wordt niet alleen ingezet in de realisatiefase, maar ook tijdens onderhoud. Voordat BINX Smartility start met de realisatie is het project virtueel opgeleverd.”

Perfect in lijn met duurzaamheid en energietransitie

Door de focus op duurzaamheid en energietransitie wordt het belang van hoogwaardige en slimme installaties in gebouwen steeds belangrijker. “De duurzame ontwikkelingen in de installatietechniek gaan in sneltreinvaart”, vertelt Patrick. “Ook hierin biedt ons integrale concept uitkomst, want al bij de start van het project stelt het gezamenlijke team helder vast welke installaties waar komen en welke bouwkundige voorbewerkingen we daar dus alvast voor kunnen plannen en uitvoeren.”

“Wel ben ik van mening dat installaties in relaties tot duurzaamheid en de energietransitie belangrijker worden, maar dat je ook nog steeds een enorme energiebesparing realiseert door bij de bron, dus de bouwkundige schil, te beginnen met een goed fundament van aanpassingen. Ook op dit vlak komt het opnieuw van pas dat Bouw en Installaties vanuit een integraal team samenwerken. Hierdoor blijft ook de focus voor duurzame aanpassingen in de bouwkundige schil zelf scherp. Anders moet je een slechte bouwkundige schil verhelpen met je installatietechniek. Die omweg snijden wij af door ook hier de integraliteit te bewaken. Elders in de markt kom ik dat besef niet altijd tegen”, aldus Patrick.

Van plan tot praktijk dankzij vaklieden

Hoe mooi, doordacht, duurzaam en vooral integraal het bedrijfsmodel van BINX Smartility ook is, uiteindelijk moeten mensenhanden de plannen realiseren. Patrick: “We werken dus op de bouw met zowel metselaars, timmerlieden en betonwerkers als installatietechnische vakkrachten. Wat wij in BIM uitdenken, moeten zij gezamenlijk uitvoeren, en dat binnen twee sectoren die traditioneel niet altijd intensief aan een bouwwerk samenwerken.”

Patrick is eerlijk. “Natuurlijk gaat er nog weleens iets mis. Maar omdat we in 3D alle details hebben uitgewerkt én de uitvoerder er al in de engineeringsfase bij betrekken, hebben beide disciplines bouw en installatiewerk samen wel de meest maximale start. De meeste valkuilen hebben we vooraf in het gezamenlijke team getackeld. We maken een integrale planning voor de bouw en installatietechniek en we gaan uit van het treintjes-concept voor beide disciplines. De werkzaamheden vullen elkaar efficiënt en zo slim mogelijk op.” Overigens is het in de visie van Patrick niet alleen de taak van de uitvoerder om de vaklieden op de bouw te motiveren. “Alle leden van het team spelen hier een rol in. Dat zit ’m in hele kleine dingen, zoals over het project lopen en even een praatje maken met de vaklieden die voor ons maken wat wij hebben bedacht. Vijf minuten aandacht, waardering en persoonlijk contact doen al heel veel.”

Vaste en flexibele schil

BINX Smartility heeft UTA-personeel in vaste dienst tot en met het niveau van leidinggevende monteurs. “Werkzaamheden besteden we uit of lenen we in. Dit laatste doen we bewust via een beperkt aantal partners, waarvan Haldu Groep er één is.” Patrick werkte eerder bij Aan de Stegge en werkt sinds 2017 bij BINX Smartility. “Bij Aan de Stegge werkten we ook al wel samen met Haldu Groep, maar nu ik bij BINX Smartility teamleider ben, doen we dat veel meer.” Die omslag heeft te maken met de functiewijziging van Patrick. “Bij Aan de Stegge was ik actief als werkvoorbereider en werkorganisator, bij BINX Smartility ben ik een breed geïnteresseerde teamleider.”

Bewuste keuze voor Haldu Groep

Dit betekent dat Patrick BINX Smartility probeert te ondersteunen in de algemene bedrijfsvoering. “Vanuit die rol heb ik samen met onze technisch directeur André Guis de situatie bekeken en vastgesteld dat het niet goed is als je voor je flexibele schil werkt met heel veel uitzendbureaus. Kijk, wij willen alles juridisch, financieel en fiscaal 100% dichtgetimmerd hebben met de uitzendbureaus waarmee wij werken. Werk je er met heel veel, dan heb je daar geen grip op. Je uitvoerders bellen dan voortdurend rond naar al die bureaus en je hebt niet de zekerheid dat het bijvoorbeeld voor de afdrachten tiptop is geregeld.” BINX Smartility heeft vervolgens bewust gekozen voor drie tot vier vaste contractpartners voor uitzendkrachten, waaronder Haldu Groep.

Haldu Groep: voortdurend dicht op de bal

Patrick: “Die beleidskeuze heeft vanuit BINX Smartility de samenwerking met Haldu Groep geïntensiveerd. We hebben zwart op wit dat het stevig gecertificeerde Haldu Groep al die facetten waterdicht heeft geregeld en hierop ook regelmatig wordt geauditeerd. Hiermee vermijden we de bureaus die vanaf een zolderkamer mensen uitlenen, met alle risico’s van dien.”

Over de vakmensen van Haldu Groep zelf is Patrick tevreden. “9 van de 10 keer ben ik blij met hen. Kijk, het is de uitzendbranche, dus je krijgt altijd wel eens iemand die het niet waarmaakt. Je hebt geen 100% garantie in deze sector, maar in de basis genomen vind ik de kwaliteit van de vakmensen die zij leveren goed. Mocht het eens scheef zitten en de geboden kwaliteit is niet zoals wij eisen? Dan vind ik het een heel sterk punt van Haldu Groep dat we er met elkaar altijd heel snel uit komen, een oplossing zoeken en direct een vervanger krijgen aangeleverd. Haldu Groep zit voortdurend dicht op de bal, zowel bij de opstart van een project maar ook als we snel moeten bijsturen.”

Buitenlandse vakmensen

Patrick realiseert zich dat Haldu Groep het tot een speerpunt maakt om de beste buitenlandse vaklieden voor de Nederlandse markt te werven. Hoe staat hij daarin? “We kunnen niet om buitenlandse vakkrachten heen, dat is duidelijk.” Wel neemt Patrick een genuanceerde en tweeledige positie in als het gaat om buitenlandse vakmensen. “Ik benadruk graag dat ik hele goede ervaringen heb met de buitenlandse vaklieden van Haldu Groep. Het zijn jongens die willen werken en echte vakmannen. Heb je een grotere bouw waar meerdere mensen lopen, dan ben ik erover te spreken. Daarentegen, ga je richting het eind van je project en heb je nog maar één of twee mensen lopen, dan is het best wel lastig als dat buitenlanders zijn, want je kunt door de taalbarrière niet altijd goed met hen communiceren over de laatste details. Het werkt dus prima als de buitenlandse vaklieden in een grotere groep op je bouw kunnen meelopen, met ook Nederlandse jongens met wie je kunt communiceren.”

Volop werk ondanks onzekere tijden

Dit interview vindt plaats midden in de corona-crisis. De onzekerheden lijken zich op te stapelen, ook voor de bouwsector. Toch ziet Patrick op dit moment nog niet echt grote problemen. “We werken nu nog op grote projecten op de zakelijke markt, ook renovaties, nieuwbouw en transformaties van leegstand. Daar kunnen we met inachtneming van de richtlijnen van de RIVM gewoon door bouwen. Wel zien we levertijden iets oplopen doordat de capaciteit in de fabrieken enigszins terugloopt, maar daar kun je altijd op anticiperen. Ik klaag dus absoluut niet. In vergelijking met andere sectoren hebben we het nog goed.”

Laten we elkaar geen crisis aanpraten

Wel voorziet Patrick een pittige tijd voor de bouw in Q1 en Q2 2021. “Je merkt dat opdrachtgevers lopende projecten laten doorgaan, maar tegelijkertijd wel hun geplande investeringen heroverwegen. Ik ben er niet bang voor dat we nu, net als bij de vorige crisis, heel veel vaklieden gaan verliezen. Vergeet niet, toen was het een financiële crisis, en dat is het nu nog niet. Met elkaar kunnen we, door het maar steeds tegen elkaar te zeggen, een financiële crisis organiseren, daar ben ik van overtuigd. Als we lang genoeg tegen elkaar zeggen dat we een crisis krijgen, dan krijgen we die ook. Ook de overheid speelt hierin een rol als zij negatief gaat berichten over de werkontwikkeling en de economie. Mijn oproep is om gewoon te blijven investeren, dat helpt enorm om een negatieve ontwikkeling te voorkomen.”

Patrick: “hard werken, hard… varen”

Met welke interesses of hobby’s ontspant Patrick zich in zijn eigen tijd? “Eigenlijk heb ik geen hobby’s. Ik ben heel veel met mijn werk bezig en supertrots dat ik bij BINX Smartility mag werken. Vanuit dat perspectief volg ik nauwgezet hoe de markt zich ontwikkelt, weliswaar werk-gerelateerd, maar wel vanuit 100% persoonlijk interesse. Daarom ben ik destijds met Haldu Groep in gesprek gegaan. En ook om te kunnen doorgronden hoe de flexmarkt zich ontwikkelt en hoe zij daarin staan. Uiteraard doe ik graag leuke dingen samen met mijn drie jonge kinderen, zoals over het water scheren in onze speedboot! Zij kunnen zich dan laten meetrekken op een band of zelfs waterskiën.”

Meer weten?

Kijk op www.bi-smart.nl of bel rechtstreeks met Patrick Wissink via 06-40063764.

Patrick Wissink

Niet de vacature gevonden die je zocht?

Meld je aan voor een JobAlert en krijg per e-mail bericht zodra de vacature beschikbaar komt!

Direct inschrijven

Column: Doorgaan bij een dip

Leestijd: 3 minuten

Terwijl ik dit schrijf, houdt de coronacrisis Nederland in een wurggreep. Vanuit de grond van mijn hart dank ik niet alleen onze stoere werknemers maar álle werkenden voor hun inzet onder deze moeilijke omstandigheden. Dé hamvraag onder ondernemers is uiteraard: wat kan ik doen om te overleven?

Als antwoord op die vraag zie ik om mij heen een begrijpelijke reflex. Namelijk besparen. Waar de geldkraan maar dicht kan, gaat die dicht. Contracten worden niet verlengd, investeringen uitgesteld en alle ogen zijn gericht op het zoveel mogelijk in stand houden van de financiële buffers. Maar met het dichtdraaien van de geldkraan in hun bedrijf creëren ondernemers een soort extra stilstand binnen de “corona-stilstand”.

Bij Haldu Groep maakten we bewust een andere keuze. Niet omdat we het allemaal zo goed weten, maar wel omdat we nog heel goed de lessen uit de vorige crisis hebben onthouden. Weet u nog in 2008? Voordat we met de ogen konden knipperen, waren we in Nederland 170.000 vakmensen in de bouw kwijt. Tijdens die vorige crisis nam Haldu Groep de beslissing om tegen de onzekere klippen op dóór te blijven investeren. En toen we uiteindelijk uit de crisis kwamen, plukten wij én onze opdrachtgevers hier de vruchten van.

Anticyclisch investeren

Nu, met corona, namen we opnieuw het besluit om door te blijven investeren in deze onzekere tijden. In de marketingboekjes heet dat wat chic anticyclisch investeren. In mijn eigen woorden zeg ik liever: doorgaan bij een dip. Dat betekent dat we onze vakmensen op de bouw en in de techniek en automotive zoveel mogelijk aan ons binden en niet wegsturen.

Niet voor niets luidt ons motto: “We zijn er voor personeel”

Die woorden maken we nu graag waar. Sterker nog, we voeren zelfs sollicitatiegesprekken met nieuwe collega’s. Want door corona komen elders ook de allerbeste vakmensen op straat te staan. Wij bieden deze kanjers graag een werkplek, zekerheid en toekomst onder de hoede van Haldu Groep.

Kortom, onze werving van vakmensen gaat door en we hebben steeds werk voor hen, ook in deze onzekere tijden. Ook breiden wij ons interne team actief uit en zijn we op zoek naar interne toppers die door Corona elders beschikbaar komen. We leggen daarmee juist nu het fundament om na de crisis intern klaar te zijn zodat we vol door kunnen pakken. Van social media hebben we geleerd dat als je je online werving ineens op nul zet, je alle eerder opgebouwde digitale merkwaarde als een leeggelopen ballon verliest. En u weet dat een half leeggelopen ballon makkelijk weer opblaast dan een compleet leeggelopen ballon. Wellicht kunt u met dit advies ook iets voor uw eigen online beleid.

Mijn verwachting voor de economie?

Haldu Groep heeft nu nog mooi en goed werk in de portefeuille en ik hoop u ook. Ik ben geen econoom, maar op z’n vroegst zie ik de branches waarin wij actief zijn pas een eerste stap tot normalisatie zetten in september, oktober. Normalisatie zónder groei. Die mindset geeft mij rust en zet aan tot de juiste actie. Bijvoorbeeld actie op het gebied van overnamen. Ik weet niet hoe het u vergaat, maar door Corona gaat de druk iets van de dagelijkse hectiek en blijft er meer tijd over om je strategie nog eens goed te overwegen. Voor Haldu Groep betekent dit dat we blijven zoeken naar collega-uitzend-bedrijven als potentiële overnamekandidaat.

“Never waste a good crisis”

Een bekende uitspraak is “never waste a good crisis”. Met andere woorden, probeer te léren van een crisis. Een les die Haldu Groep in de praktijk bracht in 2009 en nu opnieuw. Wellicht inspireert dit u, samen met ons op weg naar betere tijden.

Danny van Hal

column danny van hal

Niet de vacature gevonden die je zocht?

Meld je aan voor een JobAlert en krijg per e-mail bericht zodra de vacature beschikbaar komt!

Direct inschrijven

Column: Weet u wat erger is dan het Corona virus? Het angstvirus!

Leestijd: 3 minuten

Het is verbazingwekkend hoe media-aandacht ineens kan verschuiven. Stonden de stikstof- en PFAS-crisis eerder dit jaar wekenlang op de voorpagina’s, door Corona lijkt die aandacht in één klap weg. Blijkbaar heeft de overheid passende maatregelen genomen!

Op de dag dat ik dit schrijf (11 maart 2020), krijgt Corona officieel het predicaat Pandemie. Dus is het een wereldwijde epidemie. Ook lees ik dat Amerika de deuren sluit voor reizigers uit 26 Europese landen, behalve uit Engeland en Ierland. Tekenend dat Trump uiteindelijk zijn beste handelspartners toch een uitzonderingspositie geeft! Het lijkt allemaal nog ver weg, maar dan krijg ik op diezelfde dag ook nog eens een telefoontje dat nu de eerste vaklieden worden afgezegd omdat de start van een bouwproject wordt uitgesteld. Vooral met dit laatste bericht komt het ineens heel dichtbij.

Common sense first

Ik ben de eerste om te zeggen safety first, maar ook denk ik common sense first. Nuchter blijven is een mooie Nederlandse eigenschap en die pas ik graag toe. Nog steeds sterven er in Nederland jaarlijks meer mensen door een reguliere griep dan door Corona. En dat is geen fake news. Ik merk dat we in Nederland door de laatste economische crisis een soort angstreflex hebben ontwikkeld. Bij het minste of geringste is het zandzakken voor de deur. De paniek rond Corona veroorzaakt nú al allerlei onwenselijke nevengevolgen: de beurs zakte door de angst voor Corona onder de 500 punten en de olieprijs daalde met 33%. Zelf bestelde ik een computer die uit China moet komen; deze is nu door de schaarste 10 tot 15% duurder! Allemaal door de beeldvorming.

De schade van social media

De situatie nu doet mij denken aan de sfeer aan de vooravond van de grote crisis in 2008. Er speelden zich inderdaad catastrofes af, maar de mediahype daaromheen gaf daar een onomkeerbare slinger aan met allerlei neveneffecten die voorkomen hadden kunnen worden. Ik durf de stelling aan dat we elkaar toen voor een groot deel ook naar de crisis toe hebben gekletst met allerlei spookverhalen in de media. Nu, in 2020, zijn de sociale media nóg machtiger dan in 2008 en ik heb het donkerbruine vermoeden dat de geruchtenstroom rond Corona momenteel meer schade toebrengt dan Corona zelf. Elke patiënt met Corona is er één te veel, begrijp mij goed, maar ik zou graag zien dat we werkelijkheid en hype goed uit elkaar houden.

Maatschappelijke schade van bouw lockdown

De mogelijke beslissing tot een lockdown in de bouw heeft enorme gevolgen. En dan denkt u wellicht dat ik meteen vanuit het eigenbelang van Haldu Groep denk. Ja, onze flexibele vakmensen zijn met één pennenstreek weer van uw project te halen en dat kost onze opdrachtgevers niets. Maar eigenlijk praat ik nu groter, dus vanuit het maatschappelijke belang. Er ligt al een gigantische bouwuitdaging en een lockdown van misschien enkele weken brengt een ongekende economische schade toe. Om nog maar te zwijgen van de kosten en moeite die nodig zijn om ná de lockdown het piepend tot stilstand gekomen bouwproces weer op gang te krijgen door dit extra op te moeten schalen.

Ik las een spreuk naar mijn hart: “De EU moet minder denken in wat niet mag, maar meer in wat wel kan.” Dat is mijn boodschap aan u: laten we ons meer richten op de positieve zaken anders veroorzaken we zelf opnieuw de spiraal naar beneden, niet door het Corona virus, maar door het angstvirus!

Overigens, mocht er een lockdown komen en uw project moet daarna snel weer op gang komen? Dan staan onze vakkrachten uiteraard extra uitgerust voor u klaar!

Danny van Hal

column danny van hal

Niet de vacature gevonden die je zocht?

Meld je aan voor een JobAlert en krijg per e-mail bericht zodra de vacature beschikbaar komt!

Direct inschrijven

Long read: interview met Hus Smid van JM Deurwaarder

Leestijd: 6 minuten

Hus Smid, bedrijfsleider JM Deurwaarder: “We kunnen niet meer zonder buitenlandse vaklieden”

Sommige carrières in de bouw zeggen alles over het doorzettingsvermogen van iemand. Neem Hus Smid. Als 17-jarige kwam hij binnen bij JM Deurwaarder in Warmenhuizen als metselaar, nu is hij er bedrijfsleider. “Maar als ik een mooi werk voorbij zie komen, jeuken soms mijn handen om zelf de troffel op te nemen.”

JM Deurwaarder is sinds 1969 vooral actief als onderaannemer voor alle grote bouwbedrijven en uiteraard moederbedrijf HSB. Hus: “Voor grote en kleine aannemers in de woning- en utiliteitsbouw verzorgen wij vakkundig het stel-, isolatie-, lijm-, voeg-, steiger-, timmer- en metselwerk. Zowel voor nieuwbouw als renovatie. Van luxe villa’s tot grootschalige bouwwerken. “Onze organisatie is zodanig ingericht dat wij alle klussen kunnen klaren”, zegt Hus Smid. Alles draait bij JM Deurwaarder om alle beloften aan de klanten stipt en secuur na te komen. Hus: “We werken als onderaannemer altijd op productiebasis voor een vast bedrag. Alles draait dan om afspraken nakomen, intern én extern.” Hus werkt op het bedrijfsbureau, maar ook met klanten en onderaannemers. “Ik ben een echte relatieman. Ook intern hebben we een hecht team. Elke morgen in alle vroegte nemen we alle lopende projecten door en zetten we de horloges gelijk. We vertrouwen blindelings op elkaar.”

Opvallend project: metselwerk in Engelse Tudor stijl

De mooie bouwprojecten van JM Deurwaarder vind je door heel Nederland. Waar is Hus vakmatig momenteel het meest trots op? “Een park met woningen in Hoofddorp in de Engelse Tudor stijl, in opdracht van Dura Vermeer binnen een partnership van 5 jaar. Ik ben gek van metselwerk en in dat project is aandacht voor hoogwaardig metselwerk, met alle mogelijke kleuren en stenen en bijvoorbeeld een gemetselde schoorsteen van 5 meter hoog. Veel vakwerk dus, heel mooi om te zien. Daar gaat mijn hart voor open.”

hus smid

Positieve push van HSB

JM Deurwaarder is een zelfstandige dochteronderneming van de ontwikkelende bouwer HSB. “We zijn 7 jaar geleden door hen overgenomen en dat heeft ons bedrijf een positieve push gegeven. HSB heeft een uitermate ondernemende directie, zij zien overal kansen en staan overal voor open. Op die manier scheppen zij hun eigen werk en dus ook voor ons. Zo’n driekwart van ons werk komt van HSB, tussen de 7 en 8 miljoen euro omzet per jaar.”

Vast…

Dagelijks zijn ongeveer 120 vaste medewerkers actief op talloze projecten van verschillende omvang. Hus is zich als geen ander bewust van het tekort aan vaklieden. “Dus hebben we onze eigen metselschool opgezet. Iedereen die het wil proberen, is bij ons welkom voor een opleiding, van buitenlandse mensen en statushouders en werkelozen, tot en met mensen met een maatschappelijk randje. We leren hun niet alleen het metselvak, maar ook de Nederlandse taal. Het gaat met vallen en opstaan, maar we zetten door.” In totaal lopen er gemiddeld 30 leerlingen rond bij JM Deurwaarder. “Die komen bijvoorbeeld van de ROC’s en Bouwmensen. We investeren continu in de toekomst van nieuwe vaklieden.”

…en flexibel

Daarnaast werkt Hus Smid voor de flexibele schil samen met vaste onderaannemers zoals met Haldu Groep. “Ze moeten onze werkwijze hebben én mentaliteit. Dus no nonsens doorpakken en doen wat je wordt gevraagd. Haldu Groep begrijpt dat. Het klikt en we weten precies wat we aan elkaar hebben. Dus hebben onze uitvoerders rechtstreeks contact met Haldu Groep om vakkrachten in te lenen. Je hebt het dan gemiddeld over 15 tot 25 metselaars die via Haldu Groep voor ons aan de slag gaan. We proberen Haldu Groep hierin wel continuïteit te bieden. Hoe langer hun vakmensen bij ons lopen, hoe meer je de sfeer van een team creëert. Ik weet dat elders een vakman van Haldu Groep soms in dienst treedt bij een opdrachtgever. Wij doen dat liever niet. Sterker nog, ik vind dat eigenlijk niet kunnen.”

Dezelfde mentaliteit

Hus Smid is graag trouw aan Haldu Groep. “Ik ben geen wegdoener van mensen. Alles draait om lange relaties met elkaar opbouwen. Kijk naar de mensen hier bij Deurwaarder: zelf kwam ik op 17-jarige leeftijd binnen en al mijn collega’s geven hun ziel en zaligheid aan dit bedrijf. We zijn eigenlijk altijd bereikbaar voor het werk, ook in de vakantie nemen we de telefoon op. Die mentaliteit herken ik in Haldu Groep. We zitten met alle onderaannemers in een groepsapp en kunnen daardoor razendsnel schakelen. Konrad Maciorowski is vanuit Haldu Groep onze contactpersoon en zit ook in deze groep. We kunnen lezen en schrijven met elkaar. Als hij mensen bij ons plaatst, gaat hij de eerste dag altijd mee en introduceert hij de vaklieden bij onze voormannen. De overdracht zet direct de goede toon. En loopt er iets niet lekker met de mensen van Haldu Groep op een project? Dan stuur ik Konrad een appje en staat hij gegarandeerd de volgende morgen om 7 uur op de bouwplaats om het te fixen.” Hus wijst naar het planbord van Deurwaarder aan de wand van het kantoor. “Kijk, de komende twee jaar zitten we vol met projecten. Dat betekent dus ook dat Haldu Groep bij ons op rozen zit!”

hus smid

Hus Smid over de samenwerking met Haldu Groep

Hus heeft geen enkele moeite met de buitenlandse vakkrachten. “De klant wil dat we de klus klaren, op tijd, tegen afgesproken prijzen en kwaliteit. Wij geven daar de garantie voor, dus maakt het voor de opdrachtgever in principe niet uit of we dat met een Poolse of Nederlandse metselaar doen. Voorwaarde is wel dat er altijd een Nederlandstalige voorman aan het roer staat.” Overigens is Hus te spreken over de buitenlandse metselaars van Haldu Groep. “Zij werken bijvoorbeeld op het Tudor Park project dat ik noemde. Daar zet je niet de eerste de beste metselaar op, het zijn de Poolse vaklieden van Haldu Groep die deze kwaliteitsklus nu helpen klaren.”

Visie op toekomstige arbeidsmarkt

Hus Smid weet dat het werkaanbod hoog is en het aantal vaklieden krap. Wat is zijn visie op de naaste toekomst van de bouwbranche? “In feite kunnen we niet meer zonder buitenlandse medewerkers. Zij zijn inmiddels een vaste factor. Niet alle collega-bouwbedrijven hebben dit al geaccepteerd. Maar het is niet alleen een kwestie van kunnen accepteren, ook van willen. Want de omgang met buitenlandse vakkrachten kost energie, dus moet je dat heel bewust willen.”

Aanbeveling voor Haldu Groep

Hus merkt dat de markt weer teruggaat naar de oude situatie met aangenomen werken. “Er komt daardoor meer druk op de productie. Dat raakt ons direct omdat wij 100% productiebedrijf zijn. Terwijl Haldu Groep een urenbedrijf is. Het mooiste zou zijn als Haldu mee gaat bewegen met ons in deze ontwikkeling. Dus meer verantwoording nemen in onze projecten dan puur en alleen vakmensen sturen en mee gaan denken over andere manieren om hierin samen te werken.”

Invoering WAB

De Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) is recent ingegaan. Hoe kijkt Hus daar tegenaan? “Die verhoging is wettelijk vastgesteld. Daar kunnen we eigenlijk niet zoveel aan veranderen. Maar de verhogingen vanuit Haldu Groep moeten we wel doorberekenen aan onze opdrachtgevers. Het gevaar is dat we ons uit de markt prijzen. In reactie hierop voorzie ik dat opdrachtgevers daardoor alternatieve bouwsystemen gaan ontwikkelen waardoor er bijvoorbeeld geen metselaar meer nodig is. Dat zie ik als een reële bedreiging waar we het in de branche met elkaar echt over moeten hebben.”

Goede werkideeën tijdens… het fietsen

Als Hus Smid niet werkt, zit hij graag op de fiets. “Wielrennen, mountainbike en strandraces. Heerlijk, je kop leeg rijden. Ik krijg dan vaak de beste ideeën voor het werk.” Aan de wand in het kantoor hangen twee soorten gesponsorde wielerkleding: van JM Deurwaarder zelf en moederbedrijf HSB. Hus: “Afwisselend draag ik die om in de regio vanaf de fiets promotie te maken voor deze twee mooie bedrijven!”

Dit is het tweede interview, afgenomen vóór de maatregelen van RIVM inzake het Corona-virus, in de reeks met kopstukken uit de bouwwereld. Eerder al publiceerden wij een interview met Dennis Dibbets van Koopmans Bouw. Dat interview lees je hier.

Niet de vacature gevonden die je zocht?

Meld je aan voor een JobAlert en krijg per e-mail bericht zodra de vacature beschikbaar komt!

Direct inschrijven

Column: Effe de column doen? Nou, ik heb het geweten…

Leestijd: 3 minuten

Na mijn eerste column in Bouwen in het Oosten liep mijn inbox van LinkedIn vol met reacties, vooral ’s avonds. Blijkbaar hebben al die hardwerkende collega’s in de bouw na een lange dag óók nog eens zin in mijn kijk op de sector. Die positieve aandacht verraste mij en schept verplichtingen. Dus gaan we in mijn tweede column verder de diepte in. Na publicatie houd ik uiteraard mijn inbox opnieuw in de gaten, haha! Ik hou van een wedstrijdje en breek graag records.

De wittebroodsweken van de overname van Haldu Groep door IMPACT zijn voorbij. Samen pakken we nu door met onze strategie: verder autonoom doorgroeien en door middel van overnames. Het bewijs dat we in Groesbeek niet alleen praten maar ook dóen, ligt op tafel. IMPACT en Haldu Groep hebben overeenstemming bereikt met DeGraaf rond de overname van een deel van hun standalone activiteiten voor het uitzenden van technisch personeel in Nederland. Vooral de elektrotechniek-, werktuigbouw-, installatietechniek- en metaal- en industrieafdelingen. Met hun vestigingen zijn zij goed over Nederland verdeeld en actief.

Keihard koersen op one-stop-shopping

Ik ben trots op deze toevoeging! Hiermee zetten we voor onze relaties opnieuw een concrete stap richting one-stop-shopping. Op één adres vindt u voortaan zowel de beste mensen voor de bouw als de techniek. Voor opdrachtgevers die met beide disciplines werken, betekent dit een enorme efficiencyslag. Deze combi weerspiegelt ook wat wij op de steigers zien: betere bouwprojecten door deze disciplines slimmer te laten samenwerken. Ook sociaal belangrijk: de continuïteit van werk voor de werknemers van DeGraaf, de circa 200 uitzendkrachten en haar klanten, is nu gewaarborgd. De nieuwe naam? Haldu DeGraaf. Ik kan mij geen beter gebalanceerde naam voor deze samenwerking voorstellen. Want wij denken niet in overnames, maar in samenwerkingen.

Over overnemen heb ik trouwens iets geleerd…

Eerst dacht ik dat overnemen draaide om ingewikkelde gesprekken met directies en specialisten. Over aandelen, bedrijfswaarde en dat soort vaak ongrijpbare zaken. Nu ik zie hoe ál onze medewerkers, ook bij Haldu DeGraaf, elke dag strijden voor uw belangen, weet ik dat overnemen draait om het overnemen van werk, uitdagingen en problemen. En dat doen onze medewerkers in alle lagen van onze organisatie. Zij zeggen elke dag tegen onze klanten en vakmensen: “Laat maar, ik neem het wel van je over.” Zodat onze klanten en vakmensen door deze ontzorging hun werk optimaal kunnen doen. Onze gemotiveerde medewerkers zijn de beste ‘overnamespecialisten’.

Steun uit bijzondere hoek

We publiceren elke maand een interview met één van onze klanten. Dennis Dibbets van Koopmans Bouw beet het spits af. Hij is blij met onze inzet op buitenlandse vakmensen en pleit ervoor dat alle partijen hierin met ons samenwerken. Die steun vind ik geweldig en geeft mij dagenlang extra energie. Op dit vlak scherpen we onze koers steeds beter aan. Wist u dat we onlangs mét een klant op locatie in Spanje lokale vakmensen hebben getest? Ter plekke testten wij hun skills en ook motivatie en houding. Die preselectie in hun thuisland zelf bleek een gouden greep. Zo weten we 100% zeker dat we de beste buitenlandse kanjers in huis halen. Heeft u reserves rondom de inschakeling van onze buitenlandse vakmensen? Dan ziet u dat we de lat steeds hoger leggen.

De kop van 2020 is eraf

Ondanks storm Ciara, de nieuwe Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) en een ietwat negatieve kijk op de ontwikkeling van de bouw, staat Haldu Groep er goed voor. Maar we weten: de prestatie van één van onze vakmensen kan ons imago al schaden of juist een boost geven. Daarom blijven we scherp!

Danny van Hal

column danny van hal

Niet de vacature gevonden die je zocht?

Meld je aan voor een JobAlert en krijg per e-mail bericht zodra de vacature beschikbaar komt!

Direct inschrijven

Long read: interview met Dennis Dibbets van Koopmans

Leestijd: 7 minuten

Dennis Dibbets, adjunct-directeur Koopmans Bouw: “We moeten samenwerken om buitenlandse vakmensen voor te bereiden op de Nederlandse bouwwereld”

Speciaal voor Haldu Groep vertelt opdrachtgever Dennis Dibbets, adjunct-directeur Koopmans Bouw, over zijn achtergrond, werkervaring, visie op inlenen en de toekomst van de arbeidsmarkt. “Bij onze huidige omzet lenen we structureel in, ook via Haldu Groep. Wij waarderen hun mentaliteit, inzet en het vakmanschap van hun vakmensen. Maar ook de samenwerking en vooral de communicatie ervaar ik als prettig.”

Dennis Dibbets startte in 1999 als stagiair bij Dura Vermeer. “In 2002 trad ik daar in dienst en koos ik voor de werkvoorbereiding.” Uiteindelijk groeide Dennis door naar de functie van bedrijfsleider en werd hij daarna tendermanager. “Na 13 jaar stapte ik over naar Kormelink Bouw, een kleinere en regionaal georiënteerde aannemer. Hier deed ik waardevolle ervaring op met het werken in lokale netwerken.” Na drie jaar kreeg Dennis de kans bij Koopmans, een ontwikkelende bouwer, aan de slag te gaan. “Ik ben hier ruim anderhalf jaar geleden begonnen als adjunct-directeur. Mijn focus ligt onder andere bij Koopmans Bouwservice, onze tak waar we kleinschalige projecten realiseren en service en onderhoud verlenen. Ook behoren nazorg en garantie tot het werkpakket van Bouwservice.”

Grote groei in korte tijd

Koopmans heeft in relatief korte tijd een goede, doch stevige groei doorgemaakt. De stevige groei wordt mede veroorzaakt door een aantal grote werken die in uitvoering zijn gegaan. Koopmans koerst er momenteel op het bedrijf meer te structureren. Dennis Dibbets: “We willen meer gaan werken in waardestromen, dus meer in specialismen. Daarvan onderscheiden we er vijf. Neem Concepten, dit is voor ons een belangrijk en groot specialisme evenals Wonen Bestaand (renovatie/verduurzaming), Wonen/U-bouw tot 25 miljoen, Projecten vanaf 25 miljoen en Bouwservice.”

Dennis Dibbets

Dennis Dibbets: ook trots op relatief kleinere projecten

“Op al die vijf pijlers zijn we trots en we voeren die alle vijf met evenveel liefde voor ons vak uit”, geeft Dennis aan. “De bouwsector heeft de neiging naar grote gerealiseerde projecten te wijzen als voorbeeld van wat een aannemer kan. Daardoor sneeuwen de middelgrote en relatief kleinere projecten vaak wat onder in de aandacht, maar daarop wordt door onze vakmensen met evenveel inzet en vakmanschap gewerkt. Een voorbeeld van onze hand? Het stadhuis in Hengelo. Prachtig door ons gerenoveerd en gerestaureerd samen met aannemer Hoffman uit Beltrum. Een echt stukje vakmanschap, geworteld in onze thuisbasis en met veel belangstelling vanuit de maatschappij. Een middelgroot project waar we ook enorm trots op zijn, ook door de liefdevolle inzet van onze vakmensen. Dat geldt ook in Enschede voor een project voor woningcorporatie De Woonplaats. De realisatie van circa 100 appartementen waar we ook trots op mogen zijn.”

Dennis Dibbets

Een echte teamwerker

Aanvullend op zijn werk begeleidt Dennis een aantal projectmanagers op de grotere werken. Naast de pure bouwtechniek is Dennis Dibbets dus ook betrokken bij het wel en wee van collega’s. “Fantastisch vind ik dat, samenwerken zit diep verankerd in mijn DNA. Dat gaat als vanzelf, ik hoef daar niet echt veel moeite voor te doen. Misschien ben ik soms wat dominant, maar samenwerken met anderen is iets wat ik graag doe.”

Weinig last van bouwperikelen

In de anderhalf jaar dat Dennis werkzaam is bij Koopmans Bouw is er het nodige gebeurd in de sector, en dat is nog licht uitgedrukt. Van PFAS en stikstof tot en met duurdere grondstoffen en boze bouwers in Den Haag. “Toch beheerst ons dit niet bij Koopmans. We hebben er weinig last van, kan ik zeggen. Een van de redenen is dat we veel langlopende projecten in portefeuille hebben. Deze waren al vergund en gestart voordat het nieuws rondom PFAS en stikstof losbarstte. In relatie tot de stikstofproblematiek hebben we slechts twee projecten die hierdoor geraakt werden, maar die zijn inmiddels vlotgetrokken.” Wat ook helpt, is dat Koopmans een zogeheten zelf ontwikkelende bouwer is. “80% van onze omzet komt uit eigen ontwikkeling. Je zit dan voor een deel aan het stuur van je eigen toekomst.” Wel geeft Dennis aan dat in dit traject de bouwprijzen voor de consumenten en corporaties aantrekkelijk moeten blijven. “Hierin zijn we mede afhankelijk van onze onderaannemers en toeleveranciers.”

Door innovatie veel belangstelling van studenten

Momenteel heeft Koopmans 280 medewerkers in dienst. Op de werkvloer is de gemiddelde leeftijd wat aan de hoge kant, maar dat zullen meer bouwers herkennen. Dennis Dibbets: “Echter, de UTA-mensen in relatie tot de instroom vanuit de scholen is gezond. We slagen er kennelijk goed in interessant genoeg te zijn voor de student van tegenwoordig. Wat hierin meespeelt is dat we stevig inzetten op innovatie, BIM, de ontwikkeling van onze eigen circulaire woning en maatvoeringsarme bouwsystematiek. Dat spreekt zich rond onder studenten en die zoeken ons vervolgens op vanuit onder andere ROC van Twente, Hogeschool Enschede, Universiteit Twente en meer. Uiteraard laten wij op de scholen ook actief ons gezicht zien, dat helpt ook mee.” Koopmans is onderdeel van TBI, met haar eigen WOONlab. Samen met andere bouwpartners worden hier snel en efficiënt te bouwen conceptwoningen ontworpen en gerealiseerd. En voor de 100% circulaire rijwoning wordt inmiddels het eerste pilotproject opgetuigd.

Samenwerking met Haldu Groep

Koopmans Bouw werkt al met Haldu Groep voordat Dennis daar aantrad. “Maar zelf kende ik Haldu Groep ook al heel lang. Met Caspar Jansen werkte ik al samen toen ik nog bij Dura Vermeer was. Als projectleider had ik destijds ook regelmatig behoefte aan inleenkrachten.” Vervolgens bracht Dennis Haldu Groep binnen bij Kormelink, zijn vorige werkgever.” Op de vraag wat Haldu bijzonder maakt, is Dennis duidelijk. ”Uiteraard de mentaliteit, inzet en vakmanschap van hun vakmensen. Maar ook de samenwerking, en vooral de communicatie, ervaar ik als prettig. Wat mij altijd opvalt is, dat als zij nieuwe mensen inbrengen op een bouwplaats, daar op de eerste dag steevast begeleiding bij is vanuit de accountmanagers van Haldu Groep. Zij doen een korte introductie bij de projectleider of uitvoerder en nemen de veiligheid en de verlangde werkzaamheden door. Die elementen vormen samen een goede start van de samenwerking tussen Haldu Groep en ons op een specifiek project.”

Structureel inlenen

Op dit moment heeft Koopmans zo’n 40 tot 50 vaklieden ingeleend. “Bij onze huidige omzet mag je dat wel structureel noemen. Uiteraard hebben we pieken en dalen, maar over het algemeen lenen we steevast mensen in. Dit zie ik voor de naaste toekomst niet veranderen.” Dennis is zich ervan bewust dat Haldu Groep stevig inzet op het hierheen halen van buitenlandse vakkrachten. Hoe staat hij hierin? “Ik heb te doen met onze uitvoerders. Die moeten onderhand 6 tot 7 talen spreken. Dat is een continu aandachtspunt. We eisen per ploeg een Nederlandssprekende voorman, maar dit komt niet altijd helemaal uit de verf. Maar goed, het is een compromis, anders heb je eenvoudigweg geen personeel.”

Toekomst arbeidsmarkt

Dennis is de eerste om te erkennen dat de krapte aan goede vakmensen alleen maar zal toenemen. “De noodzaak om hier met buitenlandse vakkrachten te werken zal gestaag groeien. Dus hebben we de gezamenlijke verplichting, is mijn mening, om ons hierin te verdiepen. Dus met alle betrokken partijen. Het gaat erom dat we de handen ineenslaan om deze buitenlandse werknemers maximaal geschikt te maken voor onze bouwcultuur. Haldu Groep kan die kar niet alleen trekken, ook de overheid en bouwbedrijven moeten hierin samenwerken. Dit is een zaak waarin we allemaal een rol spelen zodat zij de taal leren evenals onze normen, waarden en veiligheidsregels in de bouw. Vooral van belang als je hierin meeneemt dat de overheid de ambitie heeft om de komende tien jaar 75.000 woningen te laten bouwen. Dat lukt gewoon niet met het huidige contingent mensen dat nu actief is in de bouw. Hoe we die samenwerking moeten oppakken? Dat weet ik niet precies, maar wel dàt we dit met elkaar moeten gaan inrichten, zowel de aannemers als uitzendbureaus, maar ook de politiek.”

Advies voor Haldu Groep

Dennis vindt het jammer dat Caspar Jansen is vertrokken bij Haldu Groep. “Een altijd vrolijke man met uitgesproken meningen en visies, maar die maakte hij wel altijd waar, omlijst met een hoop humor en relativering. Daardoor hadden we ook contact dat niet alleen over werk ging. Ik hoop wel dat Haldu Groep het verdwijnen van dit boegbeeld opvangt en de huidige directie zich ook herkenbaar naar buiten opstelt. De tijd zal dit leren, maar ik heb er vertrouwen in.”

Veel interesses

Tot slot: Dennis Dibbets heeft veel interesses. “Van origine ben ik een balsporter. Ik heb bijvoorbeeld 15 jaar op amateurniveau in de tweede klasse gekeept. Ook mag ik graag tennissen en golfen. En wil ik helemaal tot rust komen? Dan ga ik lekker vissen.” Oh ja, en tussen alle drukke bedrijven door restaureerde Dennis met zijn partner ook nog een monumentaal pand in Groenlo uit de 17e eeuw. “Dat hebben we van top tot teen gestript en verbouwd. Zoiets vind ik heerlijk, bijvoorbeeld het timmerwerk doe ik graag zelf.”

Niet de vacature gevonden die je zocht?

Meld je aan voor een JobAlert en krijg per e-mail bericht zodra de vacature beschikbaar komt!

Direct inschrijven

Column: “Zo Danny, die column van mij? Die is nu van jou!”

Leestijd: 3 minuten

Jarenlang heb ik hier de columns van Caspar Jansen voor Bouwen in het Oosten verslonden. Regelmatig lazen mijn collega’s en ik schaterlachend mee. Spraak- én smaakmakend nam Caspar zaken op de hak. Met een mening en visie waarvan ik dacht: díe zit! U begrijpt natuurlijk wel dat ik even stevig moest slikken toen Caspar afscheid nam van Haldu Groep en doodleuk tegen mij zei: “Zo Danny, die column van mij? Die is nu van jou!”

Geen geintje, want het contract voor een nieuwe serie columns lag stevig op tafel. Er was voor deze jongen dus geen ontkomen aan. Nu zit ik gelukkig in een branche waarin dóórpakken en niet terugdeinzen de boventoon voert. Want als onze vakmensen zonder blikken of blozen ’s morgens bij u om 6.00 uur op de steiger staan, waarom zou ik dan terugdeinzen voor een ‘stukkie’ in dit mooie blad?

Met een gezonde dosis overmoed neem ik dus het stokje van Caspar hier over! Ik hoop dat ‘ie meeleest vanaf zijn zonnige vakantieadres in het buitenland. Dus, Caspar, here I go! Wat ik van Caspar heb geleerd? Topkwaliteit leveren met een knipoog. De ontspannen balans tussen keihard buffelen voor onze klanten, maar wel met een lach, en op z’n tijd een gebbetje. Wat Caspar van mij heeft geleerd? Ik hoop het ooit in z’n biografie te lezen.

Ik wéét hoe een hamer op een koude winterdag voelt

De uitzendbranche kreeg ik met de paplepel ingegoten via mijn vader Hans. En nu mag ik mede aan het roer staan van de Haldu Groep. Vanuit de basis heb ik zelf ál het werk gedaan dat je hier maar kunt doen. Ik wéét hoe een hamer in je handen op een koude winterdag na een uur voelt. Onze vakmensen zijn mij dus heilig en zij mogen van mij alleen naar de allerbeste klanten, zoals u!

Had ik niet wat rustiger mogen starten? Nee dus…

Nu ik eindverantwoordelijk ben voor Haldu Groep, is het meteen alsof de duivel ermee speelt: het is buiten knap onrustig. Had ik niet wat meer easy mogen starten? Nee dus. Neem bijvoorbeeld de stikstofcrisis. Deze leidde inmiddels tot honderden ontslagen in de bouw. Ik vind dat echt zorgelijk. En dat vind ik ook van het nieuws dat er in 2019 ruim 1300 banen zijn verdwenen door faillissementen. Ook ingrijpend is dat slechts één op de zeven verdwenen bouwwerknemers terugkeert in de branche.

Uitgroeien tot one-stop-shop specialist

Het is de kunst je door dit soort berichten niet te laten leiden. Houd koers met je bedrijf en voer je beleid uit. Ons beleid? Groeien! En dat in een economisch tij dat zomaar ineens alle kanten op kan gaan. Wij koersen voor u op een ‘one-stop-shopping’ concept: op één adres wordt u maximaal bediend met vakmensen voor zowel de bouw als de techniek. Vooral onze dienstverlening op het vlak van techniek krijgt de komende tijd een boost.

Buitenlandse vakkrachten? Een goede strategische keuze

Hoewel ik voor Haldu Groep vooral continu vooruit kijk, realiseer ik me dat wij met terugwerkende kracht een goede beslissing namen om de groeiende tekorten aan Nederlandse vakmensen te helpen beteugelen. Hiermee doel ik op onze zware en continue inspanningen om de beste buitenlandse vakkrachten naar Nederland te halen voor uw opdrachten. We liggen daarmee soms onder een vergrootglas als het gaat om taal, veiligheid en integratie, maar zonder dat onderscheidende facet van Haldu Groep zou het tekort nu nog veel groter zijn.

Onze klanten aan het woord

Met deze column richt ik de schijnwerpers even op Haldu Groep. Maar uiteindelijk draait het om onze klanten. In 2020 presenteren we dan ook elke maand een groot interview met een van onze klanten. Over de klant zelf, zijn uitdagingen én de visie van de klant op de arbeidsmarkt.

Een tip

In deze uitgave van Bouwen in het Oosten staat een mooi artikel over hoe BAM Oost omgaat met werken in teamverband onder hoge tijdsdruk en het snel kunnen opschalen. Dit herken ik herken uit duizenden, omdat dit onze business symboliseert: de flexibele schil. Ik raad u dit artikel van harte aan.

En Caspar, tevreden met je opvolger?

Danny van Hal

column danny van hal

Niet de vacature gevonden die je zocht?

Meld je aan voor een JobAlert en krijg per e-mail bericht zodra de vacature beschikbaar komt!

Direct inschrijven